De geschiedenis van de Izegemse schoeiselnijverheid

Uit de bevolkingsregisters blijkt duidelijk dat er vanaf 1770 al heel wat schoenen- en laarzenmakers in Izegem aanwezig zijn. Izegem was één van de schoenencentra, naast bijvoorbeeld Tielt.

 

Het was Edward Dierick die zorgde voor een grotere naambekendheid. Begin 1830 kreeg hij van de Nederlandse regering een octrooi voor genagelde waterdichte schoenen. Het fijne werk dat hij leverde, bezorgde hem naam en faam bij de 'beau monde' van die tijd. Het werd nodig om de technieken en de finesses van het schoenenambacht door te geven aan bekwame leerjongens. Zijn zoon Emiel Dierick bracht daarom al de knepen van het vak samen in een handboek. Hij was het ook die de basis legde voor een heuse vakschool voor schoenmakers. Deze school werd officieel opgericht in 1906.

 

Enkele knappe leerlingen van Edward Dierick zagen brood in de fabricatie van luxeschoenen. Schoenfabrikanten zoals David Decoene en Emiel Vandommele werden net hiervoor bekend. De productie van deze beide fabrikanten ligt trouwens aan de oorsprong van de topcollectie van het museum. Decoene en Vandommele bereikten een hoogtepunt in de jaren 1920-30. Zeleverden schoenen die de kwaliteit van de bekende Franse schoenontwerper André Perugia evenaren. Deze schoenen schitteren door hun sierlijke lijnen, versierd met borduurwerk, troueringen en fijne leren biesjes, soms in gewaagde exotische vormen. Het gaat hier niet meer om gebruiksvoorwerpen, maar om ware kunstvoorwerpen, die dienst deden als blikvangers op vakbeurzen en tentoonstellingen, in de uitstalramen van grote winkels in Brussel, Antwerpen, Parijs, Londen en Berlijn.

 

Niet voor niets werd Eperon d'Or in 1927 aangesteld als hofleverancier voor de Belgische Koninklijke familie en even later ook voor Luxemburgse hof. De Vrije Vakschool voor schoenmakers onderhield in de jaren 1930, '40 en '50 heel nauwe betrekkingen met de Belgische Koninklijke familie. Ook de firma Defauw kreeg na de Tweede Wereldoorlog bestellingen uit Laken. Met het huwelijk van prins Filip en prinses Mathilde kwam de Koninklijke familie nog even terug naar Izegem: de bruidsmeisjes droegen Belgian Shoes uit Izegem. De duplicaten zijn in het museum aanwezig.

 

Reproductie muurschildering TangheDe Izegemse schoennijverheid stelde het grootste aantal mensen te werk in de jaren na de Tweede Wereldoorlog. De mechanisatie en de vakbekwaamheid zorgden voor een enorme afname. Enkele schoenbedrijven, bijvoorbeeld de firma Tanghe, Dekimpe en Defauw, telden meer dan 500 werknemers. Vooral in de jaren '60 raakten de schoenbedrijven echter in moeilijkheden. Izegem betaalde de hoogste lonen van België aan zijn werknemers en tegelijkertijd kwam de concurrentie vanuit Italië, met zijn veel lagere lonen, de kop opzetten. Het ene na het andere bedrijf moest sluiten of ging failliet.

 

De overlevende Belgian Shoes van de firma Mareno zet de traditie van de handgemaakte kwaliteitsschoen tot op vandaag verder. Deze schoen, die al jaren niet veranderde van model en bestaat in vele kleuren en materialen, is de must-have van heel wat buitenissige Amerikanen.

Contact

Eperon d'Or
Prins Albertlaan 5
8870 Izegem

051/31.64.46 Contacteer ons